Publiekrechtelijke aspecten

1994-06-02 Subrogatie Sociale Verzekeraars EU HvJ C 428, 92 eng.
1994-06-02 Subrogatie Sociale Verzekeraars EU HvJ C 428, 92 fr.
1994-06-02 Subrogatie Sociale Verzekeraars EU HvJ C 428, 92 nl.
1999-09-19 Subrogatie sociale verzekeraar beperkt tot civiel plafond. Eng / NL
EU-verordening 1408/71 NL.
EU-verordening 1408/71 De.

De verordening 1408/71 is vervangen door regulation 883-2004 (art. 93 = art. 85),

Hof Arnhem 31-7-2012 (docx en pdf)verjaring van vordering van de Belgische sociale verzekeraar is onderhevig aan de lex loci

Nu de aansprakelijkheid aan de hand van Nederlands recht moet worden beoordeeld, geldt hetzelfde voor de vraag of de op aansprakelijkheid gebaseerde vordering is verjaard.

Hof Gent 29-09-2010 Voa geen vorderingsrecht in België voor 1998, HVO (pdf)

Het HVO sluit een VOA-vordering uit in art. 2.6. deze uitsluiting behoort niet tot het domein van de aansprakelijkheid, veeleer het verzekeringrecht of de sociale zekerheid, doch staat wel in verband met het aansprakelijkheidsrecht. De vraag of de eiseres subrogeert wordt beheerst door de wet, die de betalingsverbintenis heeft opgelegd. De VOA voorziet niet in subrogatie. De VOA heeft geen rechtstreekse werking buiten Nederland. Het ontstaan en de omvang van de schuld van de schadeveroorzaker, in casu de verweerder, ook in zijn relatie tot de eiseres, blijven beheerst door de wet van de onrechtmatige daad. De EG-Verordening nr.1408/71 was van toepassing op werknemers en zelfstandigen. De uitbreiding ervan tot bijzondere stelsels voor ambtenaren is slechts gebeurd bij EG-Verordening nr. 1606/98 van 29 juni 1998, die in werking trad (art.3) op 25 oktober 1998. De uitbreiding is een  regel  van  materieel  recht zonder terugwerkende kracht. De eiseres kan zich derhalve niet op deze EG-regelgeving beroepen.

Rb. Den Haag 30 mei 2007 226202 / HA ZA 04-25 Ongepubliceerd vordering Duitse sociale verzekeraar stuit af op civiel plafond

De Duitse sociale verzekeringsinstantie BFF vordert (toekomstige) arbeidsongeschiktheidsrente en ziektekosten. Nederlands recht is van toepassing. De rechtbank wijst de vordering af. De Duitse verzekeraar kan zich niet beroepen op Nederlandse convenanten, omdat zij hierbij geen partij is. De rechtbank oordeelt dat BFF niet heeft aangegeven in hoeverre haar vorderingen binnen het civiele plafond vallen. De rechtbank overweegt: “ Hoewel BFF op zich kan worden toegegeven dat het wringt dat zij uitkeringen die zij krachtens het voor haar toepasselijke Duitse regime aan haar verzekerde heeft moeten voldoen niet op de veroorzaker (…) kan verhalen, zou doorbreking van het indemniteitsbeginsel in deze ten nadele strekken van de veroorzaker/diens verzekeraar die alsdan niet alleen heeft in te staan voor door het slachtoffer geleden schade doch ook de gevolgen van buitenlandse wetgeving dient te dragen.”

 

Buitenland