Algemene voorwaarden

 

Rb Zwolle-Lelystad ECLI:NL:RBZLY:2005:AV3813 22-06-2005 terhand stelling algemene voorwaarden. Verzekeraar mag ervan uitgaan dat een verzekerde derde de polisvoorwaarde kent.

[eiseres] heeft gesteld dat de polisvoorwaarden niet aan wijlen [A] of aan haar zijn ter hand gesteld. Zij heeft niet betwist dat zij wel aan de voormalige werkgever van [A], IMC B.V., zijn toegezonden. Iets anders is ook moeilijk denkbaar. Niet betwist is dat de verschuldigde premies door IMC zijn betaald (als dat niet zo was zouden assuradeuren, naar in redelijkheid valt aan te nemen, uitkering op die grond te hebben geweigerd) en IMC moet daarom geacht worden bekend te zijn geweest met de polisvoorwaarden. Anders dan algemene voorwaarden bij handelstransacties bepalen de polisvoorwaarden bij verzekeringsovereenkomsten doorgaans de gehele inhoud van de overeenkomst. Zij zijn essentieel voor de bepaalbaarheid daarvan. In een geval als het onderhavige mag een verzekeraar er mede om die rede van uitgaan dat zowel haar wederpartij de werkgever als de werknemers ten behoeve van wie de ongevallenverzekering is gesloten, de polisvoorwaarden kennen. Vgl bovendien art. 6:232 BW. De slotsom moet zijn dat het beroep van [eiseres] op nietigheid ex 6:233 sub d faalt.

 

Hof Amsterdam 30 september 2008, LJN: BG2107 duur betreft kernbeding polis

Wanneer een beding in algemene voorwaarden, zoals polisvoorwaarden, onredelijk bezwarend is voor de wederpartij van degene die de algemene voorwaarden hanteert, kan deze wederpartij de betreffende (polis)bepaling vernietigen. Dit geldt echter niet, wanneer de betreffende bepaling een “kernbeding” is. Een kernbeding is een beding, dat de essentialia van de overeenkomst bevat, zonder welke de overeenkomst niet voldoende bepaalbaar is.
Wanneer een beding een kernbeding is, dan geldt voor dit beding de regeling betreffende algemene voorwaarden (afdeling 6.5.3. BW) niet en kan de bepaling dan ook niet worden vernietigd. Het hof komt in dit geval tot het oordeel dat de betreffende polisvoorwaarde een kernbeding is, omdat de bepaling een duidelijke begrenzing van de dekking weergeeft, qua omvang en duur. In het betreffende beding wordt de duur van de dekking (de verstrekking van de daguitkeringen) immers beperkt tot de looptijd van de verzekering en bevat daarmee de essentialia van de verzekering.