Verkeerslichten

Verkeerslichten, bewijs

Verkeerslichten bewijs rood Kg Breda 24-3-1993 VR 93, 161
Voor rood stilstaand verkeer pleegt eerst bij de groenfase op te trek¬ken. Rijdend verkeer negeert naar ervaringsregels dat het licht net op rood is gegaan. In aanmerking genomen dat het kind ten aanzien van de optrekker ook verklaart voor groen licht te zijn opgetrokken moet dat als juist aanvaard worden. De optrekker moet evenwel met de verkeersfout van de ander rekening houden 50:50.

Verkeerslichten, geldigheid

Verkeerslichten geldigheid rijbaan HR 14-11-1978 VR 79, 96
Verkeerslichten gelden alleen voor rijbanen waar deze kennelijk voor bedoeld zijn, niet voor daarnaast gelegen weggedeelten als een fiets¬pad. Zie ook HR 28-9-1982 VR 83, 22

Verkeerslichten stoplichten gescheiden linksaf Rb Breda 16-4-1974 VR 75, 35
Nu er geen aparte verkeersregeling op het kruispunt voor linksaf is heeft uitsluitend de linksaffer schuld, ook al lijkt aannemelijk dat de ander door rood ging.

Verkeerslicht, teken

Verkeerslichten stoplichten teken pijl gebod HR 14-4-1981 VR 81, 63
Een pijl in het licht is een gebod in die richting te rijden.

Verkeerslichten, zorgvuldigheid

Verkeerslichten groen oplettendheid Rb Amsterdam 2-9-1992 VR 94, 59
Ook al kan van degene die groen licht heeft oplettendheid worden ver¬langd, diens schuld valt in het niet bij degene die niet voor rood licht stopt.

Verkeerslichten kruising vrijmaken Kg Delft 26-11-1992 VR 93, 162
Degene die de kruising door het vollopen daarvan niet tijdig kan vrij maken heeft in de verhouding 3:1 schuld ten opzichte van degene die bij groen oprijdt en geconfronteerd wordt met de ander die hij niet behoeft te verwachten.

Verkeerstekens