Uitspraaknr. 106 van de Verbondscommissie Samenloop inzake "afvalbak op vorkheftruck"

Betreft: landmaterieelverzekering/AVB-verzekering

Partijen: verzekeraar A
en
verzekeraar B

Verzekeraar A en verzekeraar B hebben zich ter verkrijging van een uitspraak van de Verbondscommissie Samenloop tot deze commissie gewend ter beslechting van een geschil dat tussen partijen is gerezen.

Feitelijke gegevens
Op 19 september 2000 is de heer X, werknemer van Y, gewond geraakt. X had opdracht om een afvalbak gevuld met karton te legen in een papiercontainer. Met behulp van een vorkheftruck van Y is de afvalbak opgetild tot aan de rand van de container. X is op de container geklommen en heeft op de rand van de container staande eerst een deel van het karton uit de afvalbak verwijderd en in de container gegooid. Om het karton dat onderin de afvalbak lag gemakkelijker te kunnen verwijderen, is X vervolgens vanaf de rand van de container in de afvalbak gestapt. De afvalbak, met daarin X, is toen op enig moment van de lepels van de vorkheftruck gevallen. X viel op de grond en liep daardoor letsel op. De afvalbak viel naast hem op de grond.
Y heeft voor zijn bewuste vorkheftruck een iandmaterieelverzekering gesloten bij verzekeraar A. Tevens heeft hij een aansprakelijkheidsverzekering voor bedrijven en beroepen gesloten bij verzekeraar B.
Partijen verschillen van mening over de vraag wie dekking dient te verlenen voor de veroorzaakte schade.

Het geschil
In zijn memorie van eis stelt verzekeraar A onder meer:
"Als werkmateriaalverzekeraar van Y werden wij aansprakelijk gesteld voor het ongeval van de
heer X.
Hij is op 19 september 2000 ten val gekomen toen hij met een afvalbak van een vorkheftruck
viel. Hij was in deze bak gaan staan om het daarin aanwezige afval in de container te kunnen
gooien.
Als aansprakelijkheidsverzekeraar van de vorkheftruck zijn wij van mening dat het ongeval te wijten is aan een onveilige manier van werken en niet is ontstaan door het werkrisico van de heftruck. Wij hebben daarom verwezen naar de AVB-verzekering. De verzekeraar hiervan is de mening toegedaan dat het hier om afvallende lading gaat en aangezien zij dit risico secundair dekken verwijzen zij naar onze werkmateriaalverzekering.
In gezamenlijk overleg is besloten om deze zaak aan u voor te leggen voor een bindend advies. Wij zullen vooralsnog optreden als regelend assuradeur."
In zijn memorie van antwoord stelt verzekeraar B onder meer:
"Uit het onderzoeksrapport blijkt dat de werknemer van onze verzekerde in een afvalbak stond die door een vorkheftruck omhoog werd getild. Deze afvalbak is ons inziens op dat moment te beschouwen als lading van de vorkheftruck. De schade is dus ontstaan door afvallende lading en niet door lading die werd gelost.
De werkmaterieel polis van verzekeraar A biedt dekking voor schade veroorzaakt door zaken die vallen van het verzekerde object. Volgens onze polisvoorwaarden artikel p sub 3 is er geen dekking voor schade ontstaan door afvallende lading indien en voor zover deze schade is gedekt onder een andere verzekering. Aangezien er dekking op de werkmaterieel polis van verzekeraar A conform artikel a bestaat, dient verzekeraar A de schade te regelen. Verder verwijzen wij naar artikel q van onze polisvoorwaarden onder sub. Samenloop, waarin wordt gesteld dat indien blijkt dat de door onze verzekering gedekte aansprakelijkheid eveneens op
een andere polis is gedekt of daarop gedekt zou zijn als de onderhavige verzekering niet zou hebben bestaand, de oderhavige verzekering slechtas geldt als excedent van de andere polis"

Overwegingen van de commissie
Dit geschil is als samenloopgeschil aan de commissie voorgelegd overeenkomstig artikel 2 lid 2 van haar reglement op grond waarvan de commissie dit geschil in behandeling neemt.
De commissie stelt vast dat partijen Y aansprakelijk achten voor de door het ongeval veroorzaakte schade van de heer X.
De commissie stelt vast dat de volgende door partijen gehanteerde polisbepaiingen in dit kader van belang zijn,
de landmaterieelverzekering van verzekeraar A:
Rubriek II Aansprakelijkheid voor landmaterieelverzekering,
artikel a Aansprakelijkheid/schade
Verzekerd is de aansprakelijkheid van de verzekerden voor schade aan personen en zaken
veroorzaakt door of met
1. het verzekerde object of de aanhanger;
Van de AVB-verzekering van verzekeraar B:
Artikel p Gebruik van motorrijtuigen
Niet verzekerd zijn aanspraken die verband houden met het houden, gebruiken of besturen
van motorrijtuigen, tenzij sprake is van:
1 ....
2....
3 afgevallen/afvallende lading
schade veroorzaakt met of door zaken die zich bevinden op, vallen van of gevallen zijn van het
motorrijtuig, anders dan tijdens laad- en loswerkzaamheden;

De commissie is op grond van de feiten van oordeel dat er in dit geval sprake is van een schade die een gevolg is van een dusdanig risicovol gebruik van de vorkheftruck met de daarop geplaatste afvalbak, dat hier sprake is van schade aan personen veroorzaakt door of met het verzekerd object als bedoeld in artikel a, sub 1, van de voorwaarden van de landmaterieelverzekering van verzekeraar A. Op de landmaterieelverzekering van verzekeraar A bestaat derhalve dekking voor deze schade.
Op de polis van verzekeraar B is de aansprakelijkheid voor deze schade ingevolge artikel p aansprakelijkheid uitgesloten. Anders dan verzekeraar B aanvoert is er geen sprake van schade veroorzaakt door afvallende lading, zodat artikel p, lid 3, toepassing mist waardoor alleen de uitsluiting voor schade door het gebruik van motorrijtuigen, zoals geformuleerd in de aanhef van dit artikel, geldt.

Conclusie
De commissie concludeert dat de schade is veroorzaakt door of met het motorrijtuig. De landmaterieeiverzekering van verzekeraar A biedt hiervoor dekking. Op de AVB-verzekering van D is de aansprakelijkheid voor deze schade uitgesloten.

Bindend advies
Partijen hebben zich tot de commissie gewend ter verkrijging van een bindend advies. De commissie geeft als bindend advies dat verzekeraar A dekking zal dienen te verlenen. Aldus is beslist op 1 mei 2002 door mr. M.M.C.J.M de Nerée tot Babberich, mr. P.P. Roerink mr. D.F. Richters, en mw. mr. A.G. Verhoeven, leden van de verbondscomrnissie Samenloop, in tegenwoordigheid van mw. mr. W.H. Quaedvlieg-Meijer, secretaris.

De voorzitter De secretaris
mr.D.F. Richters
mr W.H. Quaedvlieg-Meijer