Circulaire 1998 / 1997 Casco AVP

CIRCULAIRE NO, MOT-L 98- 11
CIRCULAIRE NO. MOT-L 97/4

VERBOND VAN VERZEKERAARS

            Bordewijklaan2                      
Postbus 93450
            2509 AL Den Haag
            Telefoon 070-333 85 00•
            Telefax 070-333 85 10
                        Afdeling BB-Schade
                        Afdeling Algemene Aansprakelijkheid                      
                        Afdeling Motorrijtuigen

 

CIRCULAIRE NO, MOT-L 98- 11

Aan alle algemene aansprakelijkheids- en motorrijtuigverzekeraars, aangesloten bij het Verbond van Verzekeraars

Den Haag, 3 maart 1998

Telefoon         : 070 - 333 86 45
Telefax            : 070 - 333 86 40
Betreft : regeling betreffende verdeling cascoschade tussen Casco- en AVP verzekeraar

Mevrouw, mijne heren,

Met circulaire AAA 97/4 en MOT-L 97/4 dal. 22 januari 1997 zag de regeling van aansprakelijkheids- en motorrijtuigverzekeraars betreffende de verdeling van cascoschade tussen Casco- en AVP-verzekeraars het licht. Aangekondigd werd daarbij, dat de regeling na een jaar zou worden geëvalueerd.

Informatie bij de Ombudsman Schadeverzekering en bij de Afdelingen Algemene Aansprakelijkheid en Motorrijtuigen heeft geleerd dat de regeling aan de verwachtingen voldoet en in de praktijk naar tevredenheid werkt. De Ombudsman Schadeverzekering heeft laten weten terzake geen klachten meer te hebben ontvangen die dateren van na de ingangsdatum van de regeling (1 februari 1997).

De Afdelingscommissies Algemene Aansprakelijkheid en Motorrijtuigen adviseren dan ook de regeling ongewijzigd te continueren. Volledigheidshalve is van de regeling nog
een exemplaar bijgevoegd.
Met vriendelijke groet,
Mr. E.P.M. Pompen
secretaris       


 
VERBOND VAN VERZEKERAARS
Postbus 93450
Bordewijklaan2          
2509 AL Den Haag
Telefoon 070-333 85 00*
Telefax 070-333 85 10
Telefoon 070 - 333 86 45
telefax 070 - 333 86 40

Sector Schadeverzekering
Afdeling Algemene Aansprakelijkheid
Afdeling Motorrijtuigen

CIRCULAIRE NO. AAA 97/4
CIRCULAIRE NO. MOT-L 97/4
Aan Aansprakelijkheidsverzekeraars en Motorrijtuigenverzekeraars
aangesloten bij het Verbond van Verzekeraars
Den Haag, 22 januari 1997

Betreft: regeling betreffende verdeling cascoschade tussen Casco- en AVP-verzekeraar

Mevrouw, mijne heren,

In zijn jaarverslag 1995 maakt de Ombudsman Schadeverzekering melding van het feit dat de vergoeding van de schade aan een - ten tijde van de schadetoebrenging - geparkeerde auto, aan benadeelde (cascoverzekerde) autobezitters, in bepaalde gevallen tot problemen kan leiden. Het gaat bij dit onderwerp om die gevallen waarbij een kind jonger dan 14 jaar of een persoon van 14 jaar of ouder met een geestelijke dan wel lichamelijke tekortkoming eenzijdig cascoschade veroorzaakt aan een motorrijtuig (het gaat hier dus niet om schaden in het kader van de reflexwerking van artikel 185 WVW 1994).

In de afgelopen maanden heeft intensief overleg plaatsgevonden tussen de betrokken partijen. In goede samenspraak zijn zij tot de bijgevoegde regeling gekomen. Hoofdpunten zijn onder andere dat de benadeelde zo snel mogelijk zijn schade vergoed krijgt, verzekeraars niet verwijzen en dat verhaal mogelijk is tot een maximum bedrag. (Een kleine steekproef leverde f 1.500,-- als gemiddeld schadebedrag op.) De regeling beoogt een adequaat antwoord te zijn op de door de Ombudsman Schadeverzekering in zijn jaarverslag geconstateerde problemen.
Wij adviseren u de regeling toe te passen op die zaken waarvan de schadedatum ligt op of na 1 februari 1997. De voorgestelde regeling zal na 1 jaar geëvalueerd worden.

Wij zijn van mening dat deze regeling drie voordelen heeft:
• klantvriendelijk voor benadeelde;
• geen/nauwelijks verschuiving van de schadelast tussen verzekeraars;
• administratief eenvoudig.

De regeling is geaccepteerd door de Afdelingscommissie Algemene Aansprakelijkheid en de Afdelingscommissie Motorrijtuigen. Ook de Ombudsman Schadeverzekering wordt op de hoogte gesteld
en zal na 1 jaar om commentaar gevraagd worden.
Met vriendelijke groet,
mr. E.P.M. Pompen
secretaris       

Bijlage bij AAA 97/4
            MOT-L 97/4

REGELING VAN AANSPRAKELIJKHEIDS- EN MOTORRIJTUIGVERZEKERAARS BETREFFENDE VERDELING CASCOSCHADE TUSSEN CASCO- EN AVP-VERZEKERAARS.

Samenvatting
Voor toepasselijkheid van de regeling is 100% aansprakelijkheid van de AVP-verzekerde noodzakelijk. De benadeelde heeft de keuze bij welke verzekeraar hij de claim indient. De AVPverzekeraar vergoedt, wanneer hij wordt aangesproken, de gehele schade. Hij verwijst de benadeelde niet naar de cascoverzekeraar. Wordt de cascoverzekeraar aangesproken, dan betaalt hij de schade minus het eigen risico en andere persoonlijke schade. Hij verhaalt de schade op basis van dagwaarde bij de AVP-verzekeraar. Uit service overwegingen kan dit verhaal inclusief persoonlijke schade zijn. De AVP-verzekeraar vergoedt aan de cascoverzekeraar de schade tot maximaal f 1.500,--. Daarnaast vergoedt hij de persoonlijke schade. De cascoverzekeraar doet ten opzichte van haar verzekerde geen beroep op de bonus-malus regeling.

Toelichting
In de praktijk gaat het vaak om de geparkeerd staande auto die wordt beschadigd met een fietsje, een bal, een steentje e.d. De benadeelde kan dan ofwel de schade claimen bij zijn cascoverzekeraar ofwel bij de AVP-verzekeraar van de aansprakelijke persoon.

In het eerste geval zal de claim vrijwel altijd consequenties hebben voor de BM-korting. Door de werking van art. 6: 197 BW, de Tijdelijke Regeling Verhaalsrechten (TRV), kan de cascoverzekeraar immers geen verhaal plegen op de AVP-verzekeraar. Het BM-verlies kan door de benadeelde worden verhaald op de AVP-verzekeraar. Daar staat tegenover dat in het algemeen de schade-afhandeling via de cascoverzekering snel kan geschieden en bepaalde faciliteiten (bijv. vervangende auto) worden geboden.
In het tweede geval zijn er voor de benadeelde geen financiële gevolgen, wel moet aansprakelijkheid worden aangetoond.

In de praktijk blijken verschillende handelwijzen voor te komen.

AVP-verzekeraars verzoeken de benadeelde vaak de schade te claimen bij de cascoverzekeraar;

Cascoverzekeraars verwijzen verzekerden regelmatig door naar de AVP-verzekeraar;

Sommige cascoverzekeraars claimen de schade namens de verzekerde bij de AVP-verzekeraar;

Zoals eerder gezegd kan het BM-verlies door de benadeelde zelf worden geclaimd bij de AVPverzekeraar. Berekening van BM-verlies, zeker in het geval dat bonusbescherming is opgebouwd, is echter voor discussie vatbaar.

-           Ook kan de verzekerde het door de cascoverzekeraar uitgekeerde bedrag terugstorten en alsnog schadevergoeding claimen bij de AVP-verzekeraar van de aansprakelijke persoon.

De Ombudsman Schadeverzekering wijt het ontstaan van deze problematiek aan de werking van de Tijdelijke Regeling Verhaalsrechten. Uitgangspunt van de TRV is immers, dat verhaal door particuliere en sociale verzekeraars moet worden uitgesloten, daar waar het huidige BW een meer uitgebreide aansprakelijkheid kent dan het BW vóór 1992. De werking van de TRV kan niet worden omzeild door cessie, verpanding of overeenkomst. Dat betekent, dat wat betreft regresmogelijkheden wordt vastgehouden aan de situatie vóór invoering van het huidige BW.
In tegenstelling tot hetgeen wordt gesteld door de Ombudsman Schadeverzekering, was het immers vóór invoering van het huidige BW in de meeste gevallen voor cascoverzekeraars ook niet mogelijk regres te nemen. Bij schade veroorzaakt door zeer kleine kinderen, of personen met een geestelijke dan wel lichamelijke tekortkoming, kon immers worden afgewezen op basis van het ontbreken van normbesef. De normbesefclausule gold alleen ten opzichte van direct betrokken natuurlijke personen. Ook toen bestond de door de Ombudsman Schadeverzekering gewraakte verwijzingsproblematiek en was het voor de cascoverzekeraar in de meeste gevallen niet mogelijk de schade te verhalen.

 

Regeling
De Afdelingcommissies Algemene Aansprakelijkheid en Motorrijtuigen zijn van mening dat de problematiek in het kader van onderling regres tussen verzekeraars - hoe de onderlinge verdeling tussen casco- en AVP-verzekeraars ook zal uitvallen - voor de cascoverzekerde geen nadelige gevolgen mag hebben. Een praktische en eenvoudige regeling heeft de voorkeur. In elk geval moet worden vastgehouden aan de volgende uitgangspunten en gaat de voorkeur uit naar een regeling die kosten-efficiënt is.

Indien geen sprake is van eigen schuld, geldt:

•           de cascoverzekerde heeft de keuze bij welke verzekeraar hij zijn claim indient en ondervindt geen extra hindernissen door de regresproblematiek bij de behandeling van de claim;

•           de cascoverzekerde lijdt geen verlies van Bonus/Malus;

In overleg met de Juridische Commissie Schade is de volgende regeling uitgewerkt als oplossing voor de BM-problematiek en voor de verwijzingsproblematiek, bij 100% aansprakelijkheid van de AVPverzekerde.

•           De benadeelde heeft de keuze bij welke verzekeraar hij de claim indient;

•           De AVP-verzekeraar, noch de cascoverzekeraar verwijst de benadeelde door naar de ander;

•           Bij een claim op de AVP-verzekeraar, betaalt deze de gehele schade;

•           Bij een claim op de cascoverzekeraar, betaalt deze de gehele schade aan de benadeelde, minus eigen risico en andere persoonlijke schade;

•           De cascoverzekeraar verhaalt de schade tot maximaal f 1.500,-- op de AVP-verzekeraar. Uit service overwegingen ten opzichte van zijn verzekerde, kan de cascoverzekeraar ook de persoonlijke schade verhalen;

•           De AVP-verzekeraar vergoedt de schade aan de casco-verzekeraar tot maximaal f 1.500,-- en daarnaast nog de persoonlijke schade aan de benadeelde;

•           De cascoverzekeraar doet ten opzichte van haar verzekerde geen beroep op de bonus-malus regeling.

In deze regeling is geen maatregel voor persoonlijke schade opgenomen (bijv. kosten huurauto, eigen risico), die niet onder de dekking valt van de cascoverzekering en wel kan worden verhaald op de AVP-verzekeraar. Deze zal de benadeelde zelf dienen te claimen. Los van de regeling is het klantvriendelijk als de cascoverzekeraar ook de persoonlijke schade meeneemt in zijn claim.
De regeling zal van toepassing zijn op die zaken waarvan de schadedatum ligt op of na 1 februari 1997. De regeling zal na 1 jaar geëvalueerd worden.

Den Haag, 22 januari 1997